Met mijn riekende voetbaltas om de schouder belde ik aan bij het appartement van mijn beste vriend Tim en zijn vriendin Rosan. Even wat eten voor de training, zoals we dat al jaren steevast doen. Tim en ik kennen elkaar al vanaf ons zesde, toen we allebei voetbalden bij de F’jes van Sporting ’70. Op het moment dat hij op de achterbank zijn middelvingertje opstak naar de auto achter ons, wist ik: deze jongen wordt mijn vriend.

 

Foto (c) Jelmer de Haas

Ik ging aan tafel zitten en proefde een andere sfeer dan normaal. Er hing een licht ongemakkelijke stilte; hadden ze net een ruzietje gehad? Ik keek naar de spinazietaart op tafel. ‘Sorry man, vanavond geen vissalade, maar spinazietaart,’ zei Tim. ‘Rosan mag geen rauwe vis.’ Ik antwoordde dat dat helemaal prima was en schepte op. ‘Rosan mag geen rauwe vis,’ herhaalde Tim.

Rosan begon te giechelen.

Opnieuw zei ik dat ik het echt niet erg vond en nam een eerste hap.

‘Want Rosan is zwanger.’

Er ging een enorme schok door me heen, ik liet mijn mes en vork uit mijn handen glippen en werd overvallen door duizend gevoelens. Blijdschap, verdriet, hysterie, adrenaline en tranen – binnen in mij vochten ze allemaal om voorrang. Het eerste wat er uit me kwam, was een langgerekt ‘WOOOWWW’. Natuurlijk is 29 in principe helemaal geen gekke leeftijd om vader te worden, maar het ging hier wel om mijn beste vriend. En wij waren altijd met z’n tweeën. Het was niet eens een vraag bij wie ik vroeger na schooltijd ging spelen. En werd ik aan het eind van de middag weer door mijn ouders opgehaald, dan verstopte ik me. Op zijn tiende stapte Tim naar de schoolleiding met het verzoek om overgeplaatst te worden, zodat we bij elkaar in de klas zouden zitten. Waar we vervolgens ook samen werden uitgestuurd als we weer eens propjes hadden geschoten of de slappe lach kregen om een verhaal in de kring. Tim, met wie ik soldaatje speelde in het Griftpark en later mee op vakantie ging, in een Zuid-Frans lavendelveld piste en in Napels samen bang was voor de maffia. Tim, met wie ik een te koop staand appartement bewoonde en bevuilde met rondslingerende magnetronmaaltijden en lege verpakkingen chantilly-ijs, om de kans op verkoop te verkleinen.

Mijn beste vriend, met wie ik 23 jaar later nog steeds op voetbal zit, krijgt nu een kind. Een kind dat ook ooit een beste vriend of vriendin zal hebben, met wie hij of zij net zulke mooie avonturen beleeft. Maar in mijn hoofd bevonden we ons nog altijd dichter bij onze eigen kindertijd dan bij de kindertijd van het nieuwe mensje in wording. Maar we schuiven onmiskenbaar op en dat is een raar besef. Toch houd ik graag het gevoel vast dat we nog steeds die kleine jongetjes zijn. Er komt nu alleen een kleine bij.


Daan Boom (29) is programmamaker, muzikant en komiek en woont in Utrecht. Hij is presentator van Streetlab en speelt in de Tante Joke Karaoke Band.