Mijn liefdesleven was een leven lang vrij teleurstellend. Als het mijn beurt was, voelde Cupido zich op de een of andere manier altijd brak en schoot hij de pijl steevast mis met zijn katerige trilhandjes.

Foto (c) Jelmer de Haas

Dat was al zo op de lagere school. Terwijl andere jongens liefdesbriefjes ontvingen, kon ik niets anders dan van een afstand smachtend naar het mooiste meisje in de klas staren. Tevergeefs wachtend op haar coming-out, waarbij ze opbiechtte dat ze me al heel lang leuk vond, omdat ik zo grappig was en nog niet zo groot, en dat ze het wel cute vond dat ik niet zo goed was in rekenen en mijn mouwen als zakdoek gebruikte.

In latere jaren had ik ook weinig succes, hoewel ik behoorlijk mijn best deed. Ooit nam ik een meisje dat ik leuk vond mee uit eten bij McDonald’s. Dit klinkt niet erg romantisch, maar let op: ik had een damasten tafelkleed, kandelaars, kaarsen en zilveren bestek mee. Daar zaten we: te dineren in de fastfoodgigant. Het was een waar spektakel; alle andere gasten moedigden me aan en staken hun duimpjes naar me op. Alleen de persoon om wie het me ging, gaf totaal geen sjoege. Nog geen kus kon ik krijgen na mijn wanhopige poging. ‘O Daan, wat moet ik toch met jou?’ was het enige dat ze zei. Daar had ik wel een antwoord op, maar ja, zij wilde alleen vrienden zijn.

Maar toen, die ene avond, werd ik door de bliksem getroffen. Poppodium Ekko, 5 december 2015. Ik liep omstreeks één uur ’s nachts door de zaal en daar zag ik haar staan: het meisje van mijn dromen. Het was als in een film. De muziek in de zaal werd zachter en doffer en alsof ik naar haar toe werd gezogen, liep ik in één rechte lijn op haar af. In slow motion, uiteraard. Ik sloeg mijn arm om haar heen en zei: ‘Kennen wij elkaar?’ Een rampzalige openingszin, ik geef het toe, maar ik had écht het gevoel dat ik haar al kende. Zij leek hem helemaal niet zo slecht te vinden en antwoordde: ‘Ik geloof van niet.’ Toen wist ik, in een split second, dat het goed zat. Na al die missers schoot Cupido eindelijk raak.

Als je mij dit verhaal een paar jaar geleden had verteld, had ik je voor gek verklaard. Wat een cliché. Maar mijn vriendin en ik zijn nu ruim drie jaar verder en inmiddels begrijp ik dat je voor je grote liefde naar Tibet en weer terug loopt. Geen cliché is me groot genoeg om haar te laten zien wat ik voor haar voel. Ik ben zelfs in staat om op Utrecht Centraal zo’n heliumballon in de vorm van een hart voor haar te kopen. Als een hoer van de commercie geef ik daar lachend 30 euro voor uit. Zelfs als er een teddybeer op staat, je weet wel, zo’n plaatje dat vrouwen op Facebook graag naar elkaar sturen. Met daaronder een suikerzoete tekst als: ‘You are my piece of paradise.’ Te weeïg voor woorden, maar ik meen het wel.


Daan Boom (29) is programmamaker, muzikant en komiek en woont in Utrecht. Hij is presentator van Streetlab en speelt in de Tante Joke Karaoke Band.