Bachs orkestsuites (de derde met het beroemde Air) en zijn concerten voor drie klavecimbels en orkest is Barok op zijn mooist en bij vlagen ook op zijn spectaculairst. Het gevecht of de muzikale wedloop tussen orkest en een trio klavecimbels is adembenemend, als drie musketiers die in volle galop hun achtervolgers proberen voor te blijven, en dat ook nog eens met drie solisten van wereldklasse. De Derde en Vierde orkestsuites doen nauwelijks voor elkaar onder wat betreft feestelijkheid en ingetogen dan wel uitbundige vrolijkheid. De naam van het slotdeel van de Vierde Orkestsuite, Rejouissance, betekent vreugde. Het zou ook de titel kunnen zijn voor het gehele werk en het hele concert, dat overstroomt van opgewekte, stralende muziek. Ticket info