Met haar voorstelling OPSTAND probeert theatermaker Marte Boneschansker haar publiek net dat zetje te geven om wél de strijd aan te gaan met het onrecht in de wereld. ‘Het kan heel spannend zijn om toch je bek open te trekken.’
Machteloos voelde theatermaker Marte Boneschansker zich door alle ontwrichtende ontwikkelingen in de wereld. Ze noemt vrouwenrechten die worden teruggedraaid, de opkomst van ultrarechts en de oorlog in Gaza. Deelnemen aan demonstraties nam dat gevoel van machteloosheid niet weg. Ze wilde meer doen dan alleen haar stem laten horen tijdens protestacties om overheden ter verantwoording te roepen. Voor een geëngageerde theatermaker ligt ‘de oplossing’ dan voor de hand: je maakt een voorstelling.
Superhelden
Marte begon met het interviewen van een dertigtal mensen over hun manieren van verzet. Uit die interviews zijn fragmenten te horen in haar voorstelling OPSTAND. Zoals voorbeelden van persoonlijk, intiem verweer – denk aan een statement tegen het heersende schoonheidsideaal – en grotere vormen van weerstand, waaronder opstaan voor Palestina en het klimaat. ‘Rolmodellen, en sommigen zelfs superhelden’, noemt de theatermaker de mensen die ze sprak. ‘Ze vechten elk op hun eigen manier voor een betere wereld, en geven daarmee hoop en energie.’
Een van Martes favoriete interviews is dat met het 9-jarige meisje, een dierenliefhebster met Wereld Natuur Fonds-lidmaatschap, die een kleine daad van verzet pleegt. ‘Haar ouders hebben last van muizen in huis’, vertelt de maakster. ‘Ze zetten gif neer en plaatsen vallen. Het meisje is daar zo boos over dat ze stiekem broodkruimels strooit voor de diertjes. Ik vind het puur dat ze een list verzint om tóch in actie te kunnen komen.’
Kapitalisme
Veel mensen – uit het zogenoemde ‘stille midden’ – negeren hun innerlijke weerstand, stelt Marte. ‘Ze zijn het er bijvoorbeeld niet mee eens dat hun bank investeert in de wapenindustrie, maar stappen desondanks niet over naar een andere, duurzamere bank. Daadwerkelijk in beweging komen wordt ons ook moeilijk gemaakt. We zijn allemaal zo druk met onze dagelijkse levens; in dit kapitalistische systeem moet er hard worden gewerkt.’
Innerlijke ‘nee’
Met OPSTAND wil ze met name dat stille midden motiveren toch een stapje te zetten. Door interviewfragmenten te laten horen, en tegelijkertijd het publiek fysiek te laten deelnemen aan de voorstelling. Met een verplaatsbare wand manoeuvreert ze mensen door de ruimte. ‘Die wand zet ze letterlijk in beweging, en duwt ze soms in een benauwende positie. Dat werkt confronterend en maakt veel los. Zo begon iemand te huilen en een ander spontaan Give Peace A Chance te zingen.’
Misschien besluit je om wél van bank te veranderen of een kaartje naar het AZC te sturen
Natuurlijk zijn er ook mensen die observerend blijven, vertelt ze. Maar een goed of slecht publiek is er niet. ‘Het gaat er in de eerste plaats om dat je je innerlijke nee ervaart, dat gevoel mee naar huis neemt en met je mee blijft dragen. Hopelijk komt er een moment in je leven dat je er toch wat mee doet. Een zetje krijgt en besluit wél van bank te veranderen of een kaartje naar het AZC te sturen.’
Het is de taak van de samenleving niet apathisch toe te kijken, en egocentrisch door het leven te gaan, vervolgt Marte. ‘Maar het kan heel spannend zijn je bek open te trekken. Gelukkig zijn er ook veel mensen die daar al wel voor kiezen, je staat dus niet alleen. Je kunt je ook bij bewegingen aansluiten of op beleidsniveau dingen proberen te veranderen. Of meer achter de schermen, bijvoorbeeld door je op je werk uit te spreken als een collega een homofobe grap maakt.’
Ontlading
De theatermaker kreeg veel lof van de pers voor OPSTAND. “Ze laat je niet alleen nadenken over verzet, je voelt ook de opstandeling in je naar boven komen”, schreef de Volkskrant. Het dagblad noemde de voorstelling “indrukwekkend”, en memoreerde ook de lange gesprekken na afloop. Marte: ‘Die waren een groot cadeau. OPSTAND is nogal intens, mensen worden erin ondergedompeld. Ze hadden de behoefte te reflecteren op hun rol tijdens de voorstelling, en op de verhalen van de geïnterviewden waardoor ze vooral waren geraakt. Niet zelden kwam het tot een emotionele ontlading. Ik denk dat dit kwam door het gevoel van herkenning. De ervaring dat de meeste mensen zich het onrecht aantrekken, boos en verdrietig zijn, maar het toch moeilijk vinden om in verzet te komen.’
Kunst is een grote motor van activisme, besluit Marte. ‘Die raakt je veel meer dan een droog krantenbericht, doet een beroep op je onderbewustzijn. En opent het venster naar anderen. Dat je daardoor ervaart dat je je innerlijke nee mag omarmen, is troostrijk.’
12 en 13 juli 2026. Stadsschouwburg Utrecht